Orde: Gruiformes
Rallen Familie: Rallidae


Rallen zijn middelgrote tot kleine grondvogels. De vleugels en de staart zijn vrij kort, de poten en tenen lang.

Zijn bewegingen zijn schokkerig, met de staart vaak opgewipt. In de vlucht zijn de poten afhangend.

Alle soorten in het gebied (behalve de Kwartelkoning) bewonen dichtbegroeide moerassen, hoogvenen, vennen, rietvelden en zoetwaterranden. Behalve de meer op het water levende Waterhoen en meerkoeten zijn ze zeer schuw en zelden buiten de dekking van de vegetatie.

Rallenkuikens zijn kipachtig met grote langtenige poten en donker, grotendeels zwart dons. De bovenkop is rood of blauw met spaarzaam dons. De jongen van moerassoorten zijn meestal in de dichte begroeiing maar kunnen zwemmen of zelfs onderduiken bij gevaar. Ze raken echter snel doorweekt en onderkoeld in het water.

         
         
                                                                                      
(klik op het plaatje om naar de soort te gaan)